Anton Valens was dit jaar veel in het nieuws vanwege de goede ontvangst van zijn laatste boek, Het Boek Ont. Zodoende kwam ik erop ook eens zijn debuut Meester in de hygiëne te lezen. Het tussenliggende boek Vis vond ik indertijd nogal apart, maar wel geslaagd. Ik kan me bepaalde scènes nog gemakkelijk voor de geest halen (veel gedoe met vissekoppen en slavinken), wat altijd een goed teken is. Meester in de hygiëne is meer alledaags en daardoor gelijk herkenbaar. Hoofdpersoon Bonne werkt voor Thuiszorg Amsterdam en beschrijft in zo'n tien hoofdstukken een aantal van zijn cliënten. Hoewel er een duidelijke rode draad door het boek loopt, lezen deze hoofdstukken soms ook als zelfstandige korte verhalen. Daarin schuilt ook de kracht van het boek denk ik. Valens trekt in elk verhaal een monument op voor een hulpbehoevende oudere. Bonne boekstaaft al hun maniertjes, onhebbelijkheden en absurde wensen. Soms wordt hij er horendol van, maar hij blijft ze altijd zien als mensen en weet sympathie voor ze op te vatten. Haat en liefde zitten vaak dicht bij elkaar: 'Net als Nieuwklap, Waghto, Ripmeester en Grijspeerde in het verleden zag ik Van Wifferen als een held van de ouderdom. Hij ontroerde me, hoewel er momenten genoeg waren dat ik hem het liefst met zijn schedel op de toetsen van het klavier zou rammen.' (p. 228)
Tijdens het lezen moest ik vaak lachen. Tegelijkertijd creeërt Valens ook een soort rust. Zijn stijl is soms plechtig - met her en der ouderwets aandoende woorden - maar ook prettig naturel.
'Mannen boven de negentig zijn een apart slag. Zichzelf douchen en zich verwennen met lotions, een pot koffie zetten of een kippenpoot braden, een stofdoek pakken of een borstel door de wc halen, kortom de verzorging van de in- en uitwendige mens en zijn leefomgeving, heeft meestal niet hun interesse. Voor mannen onder de negentig geldt overigens meestal hetzelfde.' (p. 64)
Weergeven hoe mensen praten, kletsen, ouwehoeren en klagen is iets waar Valens in uitblinkt. Plat Amsterdams pratende types beschrijft hij net zo gemakkelijk als oud chic.
'U zit in een dal,' concludeerde ik. 'Ja, in een dal,' zuchtte hij vermoeid, 'of een dip, dat zeggen ze toch ook wel: een dip?' 'Ja, inderdaad, een dip. Een dip is hetzelfde als een dal.' 'Ja, dat dacht ik al.' Hij keek gepijnigd voor zich uit. 'Ik voel me een beetje zoals mijn haar.' 'In de war, bedoelt u.' 'Ja.' (p. 148)
Iets zegt me dat hij hier zelf helemaal geen behoefte aan heeft, maar ik vind dat Anton Valens een groter publiek verdient.

7 December 2012

Augustus, 2008
Oorspronkelijk verschenen 2004




Comments

(Oorspronkelijk gelezen 29 februari 2012)
Briljante titel,
Himmler's hersens heten Heydrich. Toen dit boek voor het eerst in vertaling uitkwam dacht ik meteen 'Wat is dit nou?' Een vreemd, paarsgekleurd omslag, maar ook gelijk herkenbaar: de Karelsbrug in Praag. Als mensen me vragen 'Wat vond je zo goed aan dat HhhH?' sta ik altijd een beetje te hakkelen. Stel je zegt, het gaat over de moord op nazikopstuk Heydrich in Praag, afgewisseld met aantekeningen van schrijver Laurent Binet zelf over zijn onderzoek, klinkt dat weinig enthousiasmerend voor velen.
Je moet het gewoon gelezen hebben. Ik begon er zelf ook aan vol verwachtingen én scepsis en was meteen geboeid door Binet's verhaal. Superkorte hoofdstukjes, steeds afwisselend tussen het Heydrich moordaanslag-verhaal en Binet's eigen worstelingen met het schrijven van het boek. Het ene maakt het boek tot een thriller en het andere zou het geheel tot een postmoderne truc kunnen maken, maar dit werkte voor mij juist uitstekend. Praag in oorlogstijd, de rise and fall van het blonde beest Reinhard Heydrich en een ploeterende jonge schrijver; what's not to like?

NB. Op basis van één van Binet's hoofdstukjes werd het vijftig jaar oude boek Mendelssohn op het dak van de Tsjechische schrijver Jiři Weil opeens ook een hit. Mooi is dat. Wellicht hier binnenkort meer over dat boek.

4 December 2012

Meulenhoff, 2011
Oorspronkelijke titel HHhH, 2010
Vertaald door Liesbeth van Nes





Comments

When Karl Marlantes published Matterhorn a few years ago the Vietnam war was already over for more than thirty years. Now there's a novel about the Iraq war by a young American, written quickly after that war came to an end. That must be difficult. Like Karl Marlantes, Kevin Powers is himself a veteran, the best people to write such books I suppose. Making a fictional story about your war experiences ultimately works better than writing a memoir, but it must also be harder. That's why I think it's pretty remarkable Kevin Powers wrote such a powerful and mature novel so quickly afterwards.
The yellow birds
switches between the actual scenes of war in Iraq and the aftermath of a veteran back home. John Bartle, the young soldier we follow throughout the book, is clearly traumatized. The way he wanders aimlessly around his hometown, more in touch with nature than with other people, reminds me of Hemingway's early stories, as well as Salinger's. Descriptions are beautiful, but at the same time you sense a huge underlying sadness; a total lack of purpose, because what does anything matter after such horrors?
Some of the things that happen in Iraq are hard to follow, both for the reader and for the common soldier. Not knowing exactly where you are and why you're doing what you're doing (shooting people because you're ordered to) must be as alienating as this. Powers uses a dreamy style, focusing on the light, the smells, the sounds, the dust everywhere. All senses work, only reason falls behind.
"I'd been trained to think war was the great unifier, that it brought people closer together than any other activity on earth. Bullshit. War is the great maker of solipsists: how are you going to save my life today? Dying would be one way. If you die, it becomes more likely that I will not. You're nothing, that's the secret: a uniform in a sea of numbers, a number in a sea of dust." (p. 12)
The yellow birds is not a big book; it's not a plot-driven thriller like Matterhorn. Instead it's more about atmosphere. You should take your time to digest Powers' language. I'm curious about one thing though: what will Kevin Powers write after this?

28 November 2012

Sceptre, 2012



Comments

Although unlucky to get ill I was lucky to have this book. I'd already read about 1/3 of it, but now I suddenly had lots of time to kill. All of a sudden I was able to finish it in one go. I suppose The song of Achilles falls in the 'good read' category, maybe it's even a comfort book. It tells a well-known story from Homer's Iliad: the friendship between Achilles and Patroclus. But where Homer uses Patroclus as a foil to unleash the wrath of Achilles (i.e. he's a rather minor character), Miller makes Patroclus the narrator and focus of her novel. Using Homer as a base she weaves a whole story around the two boys' friendship (there's a few homo-erotic undertones as well), until their inevitable downfall before Troy. There's a lot to tell so Miller keeps the pace high. She certainly doesn't use very literary writing, but I like what she does. She sticks to the myths and adds just enough to make it her own story.

I enjoyed being in this classical world again, a world I mostly left behind me after finishing high school. (Incidentally, already knowing most of the names and plotlines from before and during the Trojan war is, I wouldn't say a must, but definitely an advantage). I spent the rest of the day looking up classic Greek playwrights like Sophocles, Aeschylos and Euripides, besides looking at that nice series The Odyssey from 1997. It's always nice when a book triggers you like that, so well done Madeline Miller. And thanks to my collegue who borrowed me her son's copy of The song of Achilles, after I'd recommended it to him.

12 November 2012

Bloomsbury, 2012
Originally published 2011



Comments

The last of the holiday books I brought to Romania. I'm already sad I finished it; a feeling similar to what I felt after finishing Chimamanda Ngozi Adichie's Half of a yellow sun.A nice big novel you can live in for a while. Like in Adichie's book, there's some interesting characters, changes of perspective each chapter (and nice short chapters in the Art, something I always like) and then a good plot that intertwines all of those characters and pulls them close. Certainly sounds like the definition of a 'well-rounded novel', such as Dutch author Marcel Möring has lately agitated against (an age-old discussion), with a clear beginning, middle and ending. Not a highly experimental novel, the Art, that's for sure. It fits in the campus novel genre and of course the sports novel, but is refreshingly modern, thereby giving a new twist to those genres. Harbach did a very good job for a debut novel; he certainly had me hooked and, once again, I'm sad to let his book go.

2 October 2012

Little, Brown, 2011

Comments

Initially we bought this after watching a BBC program on the latest young literary talents in Britain. Powell, although by far the oldest, was the most interesting author with his book about an older communist having to come to terms with his choices after the fall of the Wall. L. already read it and kept insisting I should read it too, so when we planned a week to Berlin I thought this book would be appropriate. It's definitely an interesting theme and it works well for 3/4 or so. Some parts are repetitive or boring and could perhaps have been edited somewhat. Still, mostly a good read; quite an original topic as well. Did make me crave some non-fiction afterwards though.
P.S. It is nice to write some things about books again. I was too lazy for a few years: you don't write about some books and more and more the 'drempel' becomes too great to ever start again. Which, ultimately, is sad of course. So I'll try again, maybe not for all books, but we'll see.

18 July 2012


Comments

Ik merk dat mijn leesinteresse opschuift richting het non-fictieboek. Het lukt me niet meer achter elkaar romans te lezen en steeds opnieuw in een verhaal te komen. Bij een non-fictieboek weet je eigenlijk van tevoren al of het je zal aanspreken of niet. Een roman is vaak een grotere gok. Daarin zit echter ook juist de blijvende kracht van de roman. Soms kan een boek je onverwacht raken, je aanzetten tot verdere gedachtes of tot het lezen van nieuwe boeken; kortom, een boek dat er echt uitspringt. Dit soort boeken blijven voor mij, nog steeds, romans. Daarom wil ik ook dit jaar een lans breken voor een roman en niet voor een non-fictieboek: Open stad van Teju Cole. Dit is namelijk een boek dat je zomaar zou kunnen mislopen in het mediageweld dat andere boeken soms omgeeft. En dat zou zonde zijn. Ik denk dat Open stad voor veel mensen wel eens die roman zou kunnen zijn die wat met je doet. Ik hoop dat meer mensen het gaan lezen deze zomer, want het is een boek dat zich leent voor discussie en bespiegeling. Er zijn verschillende interpretaties van mogelijk en dat is nou juist zo mooi.

3 Juli 2012

Comments

Zonder de Nederland Leest actie zou ik waarschijnlijk nooit van dit boek gehoord hebben. En dat zou jammer zijn geweest. Om eerlijk te zijn trok het me eerst niet. Ouderdom, verval, eenzaamheid... en dan die afschrikwekkende omslag! In een opwelling toch maar geprobeerd en meteen gegrepen. Een eenvoudig verhaal, simpele taal, maar wat een kracht zit er in dit kleine boekje. Het raakt iets wat we ons allemaal voor kunnen stellen. En dat is pijnlijk en mooi. Dus houdt u, zoals ik, van obscure meesterwerken, probeer dan eens De grote zaal.

28 November 2010

Queriodo, 2010
Oorspronkelijk verschenen 1953


Comments

Ik ken Joost de Vries als een jonge, getalenteerde recensent bij De Groene Amsterdammer. Door zijn stukken hoorde ik bijvoorbeeld voor het eerst van ene Haruki Murakami. Ik was dus benieuwd naar zijn debuut als romanschrijver. Clausewitz stemde mij zeer vrolijk. Het is een speels boek, met een interessant gebruik van het zogenaamde Droste-effect: het gaat namelijk over een jonge wetenschapper die probeert te schrijven over een obscure Duitse schrijver, die weer schreef over... etcetera. Er volgt een literaire zoektocht die me vaak deed denken aan Possession van A.S. Byatt. Net als in dat boek creeërt De Vries een goede balans tussen de spanning van de zoektocht en de diepere vragen over schrijverschap en authenticiteit die ondertussen gesteld worden. Het hoogtepunt is wat mij betreft het bizar gruwelijke korte verhaal van bovengenoemde obscure Duitse schrijver dat midden in het boek is afgedrukt. Dus laat het hiermee duidelijk zijn: Joost de Vries heeft met Clausewitz een geslaagd debuut afgeleverd.

26 September 2010

Prometheus, 2010


Comments

De opening van dit boek klinkt als een aflevering van Midsomer Murders: een dorpspriester wordt vermoord aangetroffen en vlak daarna verdwijnt een lerares op mysterieuze wijze. Alleen speelt dit alles zich af in een bergdorpje, diep in de Roemeense Karpaten. Hier woont een curieuze mengeling van Duitsers, Hongaren, Roemenen en zigeuners, die elkaar het liefst in de haren vliegen. Het verhaal begint in de jaren vijftig, als zelfs in dit afgelegen gebied het communisme begint door te dringen. Dat de gebeurtenissen rondom de priester en de lerares iets met de communisten te maken hebben beseft al gauw iedereen. De oplossing van dit mysterie zal echter pas vele jaren later duidelijk worden, na de val van Ceaușescu. De tussenliggende periode weet Bauerdick met veel vaart te beschrijven. Hij zet de verschillen tussen alle figuren in het dorp lekker vet aan en laat op hilarische wijze zien wat de onafwendbare moderniteit voor deze mensen betekent. Het levert een smakelijk boek op.

28 Juli 2010

Mouria, 2010
Oorspronkelijke titel Wie die Madonna auf den Mond kam, 2009
Vertaald uit het Duits door Meindert Burger

(citește în română)



Comments
 

reading now


Categories