Soms heb je een auteur waar je ineens alles van wilt lezen. Eén boek smaakt naar meer en voor je het weet zit je wekenlang een heel oeuvre bij elkaar te lezen. Zo had ik ooit een Philip Roth-fase, een Virginia Woolf-fase (hoewel, eerlijk toegegeven, dat lag aan een vak dat ik destijds volgde), om nog maar te zwijgen van de Harry Potter-fase. Ik weet zeker dat als ik Harry Potter and the Philosopher's stone erbij zou pakken, ik de hele serie zo weer van voren af aan zou gaan lezen. Heerlijk. Gelukkig liggen die boeken veilig opgeborgen.

Afgelopen november en december had ik ineens iets nieuws; geen auteur deze keer, maar een plek had mijn aandacht: de Wadden. Ik was begonnen in een Wadden-klassieker, Het raadsel van de Wadden van Erskine Childers. Een Engelse avonturenroman uit 1903 die, gezien het opvallende gebrek aan vaart en spanning, de tand des tijds niet zonder kleerscheuren is doorgekomen. Toch is het een fascinerend verhaal en nog waargebeurd ook. Twee Engelse jongens maken met hun zeilboot een pleziertocht door de Duitse Waddenzee en langs de Deense kust. Ze komen een Duits spionagecomplot op het spoor en moeten het uiterste van hun moed en zeemanschap eisen om die informatie veilig naar hun thuisland te krijgen. Nogmaals, zeer vlot leest Het raadsel van de Wadden zeker niet, maar door alle nautische wederwaardigheden en de originele locatie tussen de Duitse wadden-eilanden, raakte ik op een bepaalde manier toch geïnspireerd. Ik wilde verder over de Waddeneilanden lezen.

Ik liep al een tijd rond met het idee De Wadden van Mathijs Deen eens te lezen. Nu had ik het perfecte excuus. Een ideale samenloop van  omstandigheden, achteraf gezien, want De Wadden werd een van de beste boeken die ik het afgelopen jaar las. Vermakelijk, informatief en zeer goed van stijl; Mathijs Deen weet in het boek de perfecte balans te vinden tussen smakelijke anekdotes en een goed doortimmerd historisch verslag. De Wadden is het verhaal van het Waddengebied, eilanden en zee, van de Oudheid tot nu. Prettig om te lezen en, bovendien, zet het je onmiddelijk aan tot een eigen bezoek aan de Wadden.

Zo gezegd, gedaan. Een paar dagen in een huisje op Texel, en wie kun je dan beter meenemen dan de Texelse schrijver Nico Dros? Ook hij had een boek dat nog op mijn lijstje stond, een verhalenbundel deze keer, met de aparte titel Langzaam afbouwen op deze planeet. Zeer geschikte Texelse lectuur, hoewel Dros lang niet overal het niveau haalt van Oorlogsparadijs, zijn historische roman die ik enkele jaren geleden met veel plezier las. Het titelverhaal is me bijgebleven, maar het beste verhaal vond ik met afstand 'Twee dooilingen', wat tevens ook het langste verhaal uit de bundel vormt. Een mooi liefdesverhaal dat zich afspeelt op het zeventiende-eeuwse Texel, als De Koog nog Coogh heet en Den Burg Burgh. Zoals bij de meeste mooie liefdesverhalen loopt het triest af, waarbij de lezer uiteindelijk aan het langste eind trekt. Historisch lijkt Dros op zijn best. Dat past waarschijnlijk ook het beste bij zijn ietwat archaïsche Nederlands. Mij bevalt dat Nederlands van hem uitstekend, dus ik hoop dat hij dat weet vast te houden in de toekomst.

We verlieten Texel weer en daarmee kwam voorlopig een einde aan mijn Wadden-fase. Het is me goed bevallen, zowel qua lectuur als omgeving. Andere auteurs en onderwerpen verdringen zich spoedig om aandacht. Aan te lezen boeken is tenslotte nooit gebrek. Die Wadden zal ik echter spoedig naar terugkeren. Drie van de vijf was ik zelfs nog nooit.

25 Januari 2016

Erskine Childers - Het raadsel van de Wadden
Hollandia, 2014
Oorspronkelijke titel The riddle of the sands, 1903
Vertaald uit het Engels door N. Willems-Dirkmaat
304 pagina's

Mathijs Deen - De Wadden
Thomas Rap, 2015
Oorspronkelijk verschenen in 2013
336 pagina's

Nico Dros - Langzaam afbouwen op deze planeet
Van Oorschot, 2015
185 pagina's







Comments (2)

Een tip van een collega, die dacht dat dit wel iets voor mij zou zijn. Dat had ze goed ingeschat, want het boek beviel me zeer goed. Oorlogsparadijs is een klassieke roman, zowel qua vorm als stijl. Een man van middelbare leeftijd kijkt terug op zijn tijd als arts op Texel, tijdens de Tweede Wereldoorlog. Flarden van herinneringen verontrusten hem dusdanig dat hij besluit terug te keren naar het eiland. Hier is hij sinds de oorlog, bijna twintig jaar geleden, niet meer geweest. Langzaam komen alle herinneringen terug en volgt het in flashback vertelde verhaal van zijn oorlogsjaren.
Aan het begin van de oorlog bevind de arts zich in Amsterdam, waar hij betrokken raakt bij een verzetsgroep. Nadat er na een mislukte verzetsactie een prijs op zijn hoofd is gezet moet hij Amsterdam ontvluchten. Onder een valse identiteit wijkt hij uit naar Texel. Vanwege zijn strategische ligging is Texel tot sperrgebiet verklaart, wat betekent dat het vrijwel van de buitenwereld is afgesloten. Hoewel er bijna dagelijks vliegtuigen overvliegen om Duitsland te bombarderen, verlopen de oorlogsjaren er betrekkelijk kalm. Er is wel een Duitse bezettingsmacht aanwezig, maar die gebruiken hun verblijf voornamelijk om uit te rusten voordat zij naar het front worden gestuurd. In het laatste oorlogsjaar komt aan deze rust een einde als een Georgisch bataljon op Texel wordt ingekwartierd. Krijgsgevangen gemaakt door de Duitsers tijdens hun campagne in Rusland zijn zij ingelijfd in de Wehrmacht en op een Nederlands eilandje verzeild geraakt. Het gaat mis als dit Georgische bataljon te horen krijgt dat zij spoedig naar het front zullen worden gestuurd. Ze gaan tot muiterij over en ontketenen een ware guerillaoorlog op Texel.
Vanaf dit punt, ongeveer halverwege het boek, loopt de spanning flink op. Ineens zit je midden in de oorlog en, hoewel de strijd van korte duur is, is het er niet minder heftig om. De arts, die enkele hachelijke momenten meemaakt in het noodhospitaal waar hij werkzaam is, zit er middenin. Als de rook is opgetrokken en hij het eiland halsoverkop verlaten heeft is zijn leven onherstelbaar veranderd.
Nico Dros maakte van dit verhaal een zeer goede roman, die bij vlagen erg spannend is. Maar, niet alleen qua plot vind ik Oorlogsparadijs geslaagd, misschien vooral ook qua taal. Dros gebruikt een welhaast tijdloos Nederlands, waarin sommige woorden en uitdrukkingen tegenwoordig ouderwets zijn, zonder dat dit afleidt. Het past uitstekend en creeërt een prettige sfeer, als je er na ongeveer een bladzijde aan gewend bent. Toen het flashback-verhaal eenmaal echt begon had het boek me in zijn greep en las ik het in een paar avonden uit. Zo zie je, van de collega’s moet je het hebben.

27 Januari 2013

Van Oorschot, 2012



Comments
 

reading now


Categories